Wie krijgt straks een booster en hoe effectief is dat? Veelgestelde vragen beantwoord

0
308

De roep om het versneld toedienen van een boostervaccin aan ouderen klinkt steeds luider. In verpleeghuizen loopt het aantal positieve coronabesmettingen al weken op en sommige ziekenhuizen zeggen dat code zwart dreigt als gevolg van de toestroom van coronapatiënten.

Artsen en bestuurders van zorginstellingen willen daarom vaart maken met het toedienen van boosterprikken. Die moeten ouderen beter beschermen tegen opname in het ziekenhuis. De Gezondheidsraad adviseerde begin deze maand al om de prik toe te dienen aan 60-plussers en mensen die in een zorginstelling wonen. Vier vragen over de nut en noodzaak van een boostercampagne.

Wie krijgt wanneer de boosterprik?

Alle 60-plussers ontvangen een uitnodiging voor het boostervaccin met BioNTech/Pfizer of Moderna, ook al hebben zij eerder een ander vaccin gekregen. Dat geldt ook voor 18-plussers die in zorginstellingen wonen en zorgmedewerkers met direct patiëntencontact.

Het is het plan dat de boostervaccinatiecampagne in december start. Eerst zijn de alleroudsten aan de beurt: de 80-plussers. Zij kunnen vanaf december een boosterprik krijgen, 60-plussers vanaf januari.

Vanuit de zorg wordt aangedrongen de boosterprikken eerder te zetten en zo de druk op ziekenhuizen sneller te verlichten. Maar demissionair minister De Jonge zegt tijd nodig te hebben om alle voorbereidingen voor de boostervaccinatiecampagne te treffen.

De GGD’s laten weten dat vrijwel alles klaarstaat voor de extra prikronde. In Ameland kunnen 80-plussers en zorgmedewerkers vanaf 29 november voor de boosterprik terecht. Voor zover nu bekend is Ameland de eerste gemeente waar dat dan kan.

Hoe effectief is het om het toedienen van de boosterprik te versnellen?

Ouderen zijn na een reguliere vaccinatie (dus zonder boosterprik) minder goed beschermd tegen ziekenhuisopnames dan jongere leeftijdsgroepen. Dat blijkt uit de meest recente cijfers van het RIVM. 70-plussers zijn bij volledige vaccinatie voor 89 procent beschermd tegen opname in het ziekenhuis. Ter vergelijking: bij 70-minners is dat 96 procent.

Die lagere vaccineffectiviteit onder ouderen is ook terug te zien in de ziekenhuiscijfers: in oktober was 44 procent van de mensen in het ziekenhuis volledig gevaccineerd, waarvan de meesten ouder dan 70 jaar.

Deze cijfers verklaren dan ook waarom er wordt aangedrongen op het versneld toedienen van het boostervaccin. “Nu we zien dat steeds meer gevaccineerde ouderen in het ziekenhuis worden opgenomen, kan het nuttig zijn om ouderen een extra prik te geven om ziekenhuisopnames te voorkomen”, zegt Marjolein van Egmond, hoogleraar Immunologie aan het Amsterdam UMC. “En als je het dan toch doet, dan kun je het beter zo snel mogelijk doen.”

Hoeveel beter ouderen na zo’n booster zijn beschermd, valt nog moeilijk te voorspellen, zegt Cécile van Els, hoogleraar Vaccinologie aan de Universiteit Utrecht en immunoloog bij het RIVM. “Maar je mag hopen dat dat richting de 96 procent gaat.” Nu is dat dus nog 89 procent.

Het is volgens Van Els extra nuttig om de boostervaccins toe te dienen nu de besmettingscijfers zo hoog liggen. “Omdat er nu heel veel circulatie van het virus is, weet je dat je meer mensen kunt beschermen als je ze iets meer immuniteit kunt geven.”

Wat is het nut van de boosterprik in de strijd tegen het virus?

Het Nederlandse coronabeleid staat sinds het begin van de pandemie in het teken van het verlichten van de druk op de zorg. Boosterprikken kunnen ouderen beter beschermen tegen ziekenhuisopname en daarmee de toestroom van patiënten naar ziekenhuizen en IC’s terugdringen.

Toch plaatsen experts ook vraagtekens bij de boosterstrategie. “Het grootste probleem blijven de mensen die niet gevaccineerd zijn”, zegt Van Egmond. Het merendeel van de coronapatiënten in ziekenhuizen is nu nog niet gevaccineerd, blijkt ook uit cijfers van het RIVM – en dat terwijl de groep niet-gevaccineerden veel kleiner is dan de groep die wel is ingeënt.

En dan is het nog de vraag of het met het oog op virusmutaties niet strategischer is om eerst de wereldwijde vaccinatiegraad op te krikken, zodat er minder ruimte is voor de ontwikkeling van virusmutanten. De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) benadrukt daarom al langer het belang van het verhogen van de wereldwijde vaccinatiegraad; dat zou volgens de organisatie meer prioriteit moeten krijgen dan het toedienen van boostershots.

Heeft het zin om 60-minners een boosterprik te geven?

Mensen die jonger zijn dan 60 jaar hebben volgens de Gezondheidsraad geen boosterprik nodig; de vaccins beschermen deze groepen voldoende tegen een ernstig ziekteverloop.

“Over 60-minners weten we dat hun afweer zich over het algemeen goed ontwikkelt na vaccinatie”, bevestigt vaccinoloog Van Els. “Zij hebben een betere immuunrespons dan oudere mensen.” Uitzondering hierop zijn mensen met een minder goed werkend immuunsysteem. Zij zijn inmiddels al uitgenodigd voor een extra prik.

Van Els en Van Egmond vragen zich daarom allebei af of het niet effectiever is om de vaccins in te zetten in andere delen van de wereld, waar de WHO dus ook voor pleit. Van Egmond: “Wanneer vinden we de bescherming goed genoeg? We kunnen heel veel energie steken in het optimaal beschermen van de eigen bevolking, maar daar buiten gebeurt van alles. Het is een wereldwijde epidemie. Je kunt beter die energie steken in het vaccineren van mensen wereldwijd, ook om mutaties te voorkomen.”

Bron: nos.nl