Jarenlang misbruik bij Amsterdams herengenootschap

0
337

De vriendenkring van dichter Wolfgang Frommel heeft zich waarschijnlijk jarenlang schuldig gemaakt aan seksueel misbruik, ook van minderjarigen. Oud-rechter Frans Bauduin concludeert dat in een rapport dat de Stichting Castrum Peregrini over zijn oprichter had gevraagd.

De commissie-Bauduin keek naar de activiteiten van Frommel en zijn intimi in de periode van 1942 tot diens dood in 1986. In die tijd zijn er tien aannemelijke gevallen van machtsmisbruik en seksueel misbruik. “De kring is ver over de schreef gegaan”, concluderen de onderzoekers.

De stichting noemt het schokkend wat er is gebeurd en wil alle banden met Frommel doorsnijden.

Pedagogische eros

Frommel (1902-1986) predikte de ‘pedagogische eros’, waarbij een leraar zijn leerling initieerde in cultuur, maar ook in seksualiteit. Volgens het rapport had Frommel de voorkeur voor jongens van 14, 15 jaar, maar zijn er ook gevallen bekend dat hij vrouwen lastigviel.

Frommel gaf mensen ongewenste tongzoenen, stapte naakt in bed bij slapende slachtoffers en gebruikte psychologische manipulatie om mensen tot seks te dwingen. Ook naaste vrienden maakten zich hieraan schuldig, onder wie leraren van de Quackerschool in Ommen en Werkhoven.

Volgens het rapport had de kring rond Frommel “trekken van een sekte”. “Een exclusief gezelschap dat zich kenmerkte door een nauwe verbondenheid die – zo blijkt uit documentatie en uit persoonlijke herinneringen – in een aantal gevallen gepaard ging met seksuele handelingen in relaties waarbij sprake was van ongelijkheid.”

Bezit

“Als jonge vriend was je ‘bezit’ van je oude vriend. Je kon bij wijze van spreken door je eigenaar uitgeleend worden”, vertelde een slachtoffer. “Het was een voorwaarde om erbij te horen dat je seksuele contacten had met je ‘oudere vrienden'”, vertelde een ander.

Volgens de onderzoekscommissie was Frommel, vanaf 1977 officier in de orde van Oranje-Nassau, een “intelligent, erudiet persoon met een groot charisma”, die “zonder scrupules gebruikmaakte van de goedheid van mensen om hem heen”. Doordat hij erop aandrong dat ‘leerlingen’ zelf ook pupillen vonden, creëerde hij een vorm van medeplichtigheid, waarin men “verbonden in schaamte” raakte, schrijft Bauduin.

Het is aannemelijk dat ook leraren uit de omgeving van Frommel zich schuldig hebben gemaakt aan misbruik, stelt de onderzoekscommissie. Mogelijk gebeurde dat ook nog na de dood van Frommel in 1986. “Daar hebben we verhalen over gehoord, maar dat valt verder niet te achterhalen”, zegt secretaris Bert Kreemers.

“Het is afschuwelijk dat Frommel en de zijnen onder het mom van cultuurvorming jonge mannen en vrouwen betrokken bij hun activiteiten waarbij vervolgens sprake bleek van seksueel en machtsmisbruik”, zegt bestuurder Frans Damman van Castrum Peregrini. “Wij nemen scherp afstand van dit verleden.”

De stichting neemt alle tien aanbevelingen van de commissie over. Zo wordt de naam die Frommel aan de stichting gaf ingeruild voor Huis van Gisèle, naar de vrouw die hem lang onderhield, kunstenaar Gisèle van Waterschoot van der Gracht.

Ook wordt de kamer van Frommel, die na zijn dood grotendeels onaangeroerd bleef, verbouwd. “Wie aan het duistere verleden van seksueel misbruik een einde wil maken, wil niets meer te maken hebben met tastbare herinneringen daaraan”, luidt het advies van de commissie.

Omdat Frommel dood is en veel andere zaken al zijn verjaard, zal het rapport geen juridische consequenties hebben. Wel kunnen slachtoffers nog in aanmerking komen voor genoegdoening van Slachtofferhulp Nederland.

Bron: nos.nl