Heet, heter, heetst, vooral in de steden. Hoe moet dat in de toekomst?

0
107

Temperaturen van 35 graden of hoger, ze zijn nu nog uitzonderlijk in Nederland. Maar als de klimaatverandering verder doorzet, moeten we de komende decennia rekening houden met veel meer extreme warmte. Met name inwoners van steden voelen die intense hitte het snelst: in steden is het 4 tot 8 graden warmer dan op het platteland. Hoe moeten we daar in de toekomst mee omgaan?

“Het beste wat gemeenten kunnen doen, is groen aanplanten”, stelt Jeroen Kluck, lector aan de Hogeschool van Amsterdam. Hij deed eerder onderzoek naar hitte in steden. Ook deze week is Kluck op pad, hij doet warmte-onderzoek in Amsterdam. “Veel steen en rubberen tegels”, concludeert Kluck over de locatie, een speelpleintje tussen de huizen.

“Groen geeft schaduw, dat is de belangrijkste functie”, zegt Kluck. Het zorgt ervoor dat de temperatuur omlaaggaat. 10 procent meer groen in de stad leidt tot een temperatuurdaling van een halve graad. “Als de zon niet op steen of asfalt kan stralen, warmt het oppervlak minder op. Daardoor straalt het ook weer minder warmte uit.”

Ernstige gevolgen van de hitte

Ook volgens Marian Stuiver, verbonden aan Wageningen University & Research, is er meer groen nodig om steden in de toekomst in de zomer aangenaam bewoonbaar te houden. “Afgelopen jaren is er veel bijgebouwd, in de zomer merk je dat in de steden. Ook bedrijventerreinen met alleen steen en beton houden alleen maar hitte vast.”

De gevolgen van hitte zijn verstrekkender dan vaak wordt gedacht, blijkt uit onderzoek. Niet alleen is extreme hitte in de stad slecht voor de natuur; de kwaliteit van het drinkwater neemt erdoor af, de omzet in winkels loopt terug en de elektriciteitsvoorziening komt erdoor in het geding. Droogte leidt namelijk tot een tekort aan koelwater in elektriciteitscentrales.

Armere wijken zijn meer versteend

Stuiver ziet dat er achter de huidige ‘hittebouw’ in steden bovendien veel ongelijkheid schuilgaat. “In wijken met lagere inkomens en met veel sociale huur, zoals flats, is het vaak meer versteend. De mogelijkheden voor mensen om verkoeling te zoeken in het groen wisselen ook erg sterk per wijk.”

Op lange termijn heeft dat ook gevolgen voor de gezondheid van bewoners. Extreem warme periodes kunnen tot slaapproblemen leiden, maar ook klachten veroorzaken als hoofdpijn en ernstige ademhalingsproblemen. Zelfs hartfalen behoort tot de risico’s van hittestress.

Gisteren ging een groep onderzoekers Arnhem in om de temperatuur in de stad te meten:

Stuiver: “Nu al zie je in Parijs en Barcelona dat mensen in de zomer de stad ontvluchten.” Om te voorkomen dat het te onaangenaam wordt, moeten gemeenten volgens Stuiver ingrijpen. “Het effectiefst zijn al volgroeide bomen die veel schaduw geven en de hitte regelen via waterverdamping met hun bladeren.” Via huidmondjes in de bladeren verliezen bomen vocht, een proces dat verkoelend werkt voor de omgeving.

Daarnaast zorgen ze voor een aangenamere gevoelstemperatuur. Ze werken als een airco, legt Stuiver uit. “Als er wind staat, gaan de bladeren heen en weer. Daardoor wordt de gevoelstemperatuur in de buurt prettiger.”

Groen dak geen oplossing

Floris Boogaard (Hanzehogeschool Groningen) droeg ook bij aan het onderzoek naar hitte in steden. Zowel hij als Kluck ziet in pergola’s met klimplanten een oplossing. Zulke planten groeien sneller dan bomen en bieden eveneens schaduw. Boogaard: “Hittestress komt vaker voor in binnensteden, bijvoorbeeld op grote pleinen waar geen bomen geplaatst kunnen worden vanwege de ruimte of de diepe wortels. Daar kun je pergola’s kwijt.”

Minder enthousiast zijn de twee over groene daken, een vorm van beplanting waar veel gemeenten tegenwoordig subsidie voor verstrekken. “Groen op daken is aangenaam voor de bewoners van een gebouw, maar voor de temperatuur op straat doet het niet veel.”

Niet meer maaien

Om de steden tegen hittegolven te ‘bewapenen’, deed Kluck met zijn mede-onderzoekers een aantal aanbevelingen. Zij pleiten ervoor dat iedere woning in de toekomst maximaal 300 meter weg is van een koele plek in de buitenlucht. Op belangrijke looproutes moet er bovendien minstens 40 procent schaduw zijn.

Stuiver heeft nog een ander advies voor gemeenten: pas het maaibeleid aan. “Als er een hittegolf aankomt, kun je beter niet alles maaien.” Als de bermen en grasvelden te strak worden gemaaid, gaat het gras door de hitte kapot en is er geen groen meer om de hitte te absorberen. “Wat je overhoudt, is zand, dat snikheet wordt.”

Voor de lange termijn pleit Stuiver voor meer elzen, linden en iepen en ook grote struiken als kornoelje of vuilbomen. “Het liefst allerlei soorten naast elkaar. Plant bomen die ouder kunnen worden dan wij. Dan heb je het over een duurzame hitteoplossing.”

Bron: nos.nl